Aan mijn overkant waar het pad begint

Aan mijn overkant
waar het pad begint
of eindigt
ligt eraan van welke kant je kijkt
staat een bankje

Daar zit hij
Rode trui, witte pet
zonnebril waarin de wereld
zichzelf bekijkt
Trainingsbroek met de houding
van een maatpak

Naast hem
een witte zak
Niet opvallend
Niet vluchtig
Gewoon een zak
zoals je die overal ziet
behalve als je even blijft kijken

Misschien zit er was in
net opgehaald bij zijn moeder
nog warm van herinneringen
Misschien nieuwe kleren
voor iemand die hij morgen
wil worden

Misschien is het een cadeau
Voor zijn kleinzoon
die zijn naam oefent
als een moeilijk woord

Voor een dochter
die denkt dat hij haar
altijd vergeet

Misschien
De dingen liggen open
Zoals een pad
dat je alleen hoeft te volgen
Of een bankje
waar je blijft zitten
en ziet wat er langs komt