Ze zitten daar
alsof ze al jaren
op precies dit bankje
thuishoren
Twee jassen
twee hoofden
iets naar elkaar gebogen
en twee identieke
blauwe mapjes op schoot
Alsof iemand heeft gezegd
neem je belangrijkste papieren mee
maar vergeet vooral
het praten niet
De bomen staan om hen heen
als lange, zwijgende getuigen
Het gras is overdreven geel vandaag
alsof de zon zich ermee bemoeit
Waar het gesprek over gaat
doet er niet toe
Misschien over vroeger
toen alles verder weg leek
Misschien over straks
wanneer de thee koud wordt
en de middag langzaam inzakt
Af en toe wijst er één naar het mapje
alsof daar het bewijs ligt
van iets wat allang waar was
Maar wie goed kijkt
ziet dat de mapjes dicht blijven
Dat hun handen
leeg genoeg zijn
om elkaar te vinden
En dat het blauw
alleen maar dient
om te onthouden
hoe weinig
je eigenlijk
hoeft te bewaren
als je samen
even
genoeg bent
