De Boog

Vanaf de brug lijkt het een gebouw
dat besloten heeft niet op te vallen

Geen toren, geen standbeeld
geen gids die naar boven wijst
alleen baksteen, water
een paar ramen waarin
de lucht van Utrecht
zich iedere dag
opnieuw laat fotograferen

Maar achter die muur
werd eeuwenlang
bier gebrouwen
toen de Oudegracht
nog helder genoeg was
om dromen van mout
en hop in te verdrinken
werden hier vaten gevuld
voor een stad
die dorst had van het leven

De Dom verloor ooit
zijn middenrif aan de storm
de wind trok door Utrecht
alsof hij iets te bewijzen had
ook De Boog kreeg een klap
maar zoals het gebouwen
van hier betaamt
bleef het staan

Een beetje scheef misschien
een beetje koppig vooral

Later liet een brouwer zijn bezit na
aan de armen van de stad
Dat vind ik een mooi idee
dat achter een glas bier
soms een straatje schuilgaat
een huis
een maaltijd
een toekomst

Zelfs nu herinneren
de stegen daarachter
zich de geur van mout
nog bij naam

Boogstraat
Brouwerstraat
Moutstraat

Alsof straatnaamborden
kunnen proosten

En toen kwam de vooruitgang
dat gebeurt altijd
grotere fabrieken
snellere machines

Zelfs de pastoors gingen
ergens anders drinken
dat voelt als het soort verraad
waar een Utrechter
vier generaties later
nog met opgetrokken
wenkbrauw over kan praten

Dus stopte het brouwen
er kwam een
sigarenfabriek
een opslag
een dansstudio
en uiteindelijk stilte

Of wat in Utrecht
voor stilte doorgaat
het klotsen van water
tegen de werf
een fietsbel
een gesprek dat
uit een open raam valt

Nu zitten mensen
aan de gracht
met koffie in de zon

Ze wonen waar
ooit werd gewerkt
ze lezen een krant
op een plek waar vroeger
vaten werden gerold

Misschien is dat precies
wat een stad moet doen
niet bewaren wat geweest is
maar het blijven gebruiken

Zodat een oude brouwerij
geen monument wordt
maar een verhaal
dat iedere ochtend wakker wordt
aan de Oudegracht