Gewoon wat vrouwenlucht

Twee vrouwen op een bankje
Ze zitten daar al uren, lijkt het wel
twee dames op een bankje in het park
De een zit als een dichtgevouwen schelp
de ander opent stoer het heilige niets

Haar knieën wijzen vrolijk naar het westen
en oosten schaamteloos, charmant en vrij
Alsof ze zegt, ik hoef niks te bevestigen
ik bén er. En daar blijft het bij

Een tas hangt losjes aan de zij van beiden
alsof je het weet, dit is geen haastig stel
Ze praten niet, maar lijken stil te rijden
door alle hoofdstukken van hun eigen leven

Het gesprek had kunnen gaan over een buurvrouw
over die verdwenen sokken in de droger
Misschien over de tijd, of over rouw
of waarom wijn op dinsdag altijd spijt

Die prullenbak staat zwijgend toe te kijken
een boom leunt mee, iets uit het lood
De dag hangt tussen late zon
en een zwoele wind van gesprekken
warm, vertrouwd, en groot

Ze zitten daar. Gewoon
En dat is zeldzaam
Geen yoga, geen design
Of verbeterplan
Gewoon wat vrouwenlucht
en benen wijd

omdat het kan